De bloemetjes en de bijtjes

De bloemetjes en de bijtjes

Fotografie

Hoewel de titel van wat ik deel anders doet vermoeden, gaat het echt over de bloemetjes en de bijtjes. De afgelopen weken heb je via mijn social mediakanalen al kunnen zien dat ik erg veel foto’s van de kleinste details in de natuur maak. Daarvoor is een goede reden overigens. Het is een goed moment om aandacht te besteden hoe je de bloemetjes en bijtjes goed in beeld brengt.

Een close-up van een dahlia.
Een close-up van een dahlia. Genomen in augustus 2020.

Het komt geregeld voor dat ik mezelf omschrijf op social media als fotograferende huisvader. Dat is eigenlijk wat ik ben. Naast de zorg voor het huishouden en de kinderen, ben ik fotograaf. Vanuit hobby werd het een beroep. Een beroep als zelfstandige. Zoals de meeste zelfstandigen heb ik het in deze tijden van crisis best zwaar. De opdrachten zijn schaars, zeer schaars. Ik ben niet gebonden aan een blad, platform of wat dan ook. Dat maakt het soms best lastig. Vandaar dat ik de vrijgekomen tijd anders ben gaan indelen.

In de eerste maanden van de coronacrisis heb je een ander ‘vergrootglas’ kunnen zien. Je mag het ook een parodie noemen. Het was mijn doel om niet alleen bezig te blijven als fotograaf, maar mensen ook te vermaken. Ik maakte een tweetal fotoseries (Leven in Quarantaine en Thuiswerken). Op dit moment ziet het voor wat betreft de besmettingen er niet zo goed uit. Daarvoor is ook door de politiek gewaarschuwd.

Natuurlijk zou ik verder kunnen gaan op het punt waar ik gebleven was. Met een vervolg op de serie thuiswerken. Dat idee was uitgewerkt en hoewel de reacties op de gemaakte foto’s erg positief waren, werd het tijd voor andere dingen.

Eristalis
Eristalis ⠀

Het kleine

De afgelopen weken stonden in het teken van het kleine in de natuur. De bloemetjes en de bijtjes dus. Misschien is het gewoon wel een soort ‘bezigheidstherapie.’ Een manier om me niet te veel te laten denken aan alles dat ik had kunnen doen. Zelfs op anderhalve meter is een fotoreportage gewoon mogelijk. Ik heb er begrip voor dat zoiets nu niet op een wensenlijstje kan staan.

De natuur is iets om bewonderd te worden. Vaak nemen we dingen voor lief. Juist dat wat ‘gewoon’ is, hoeft helemaal niet gewoon te zijn. Neem nu bijen en vlinders als voorbeeld. Het gaat niet goed met de vlinders en bijen. Ze leveren een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit in de wereld. Vandaar dat het geen goed teken is wanneer de vlinder- en bijenstand bedreigd wordt.

Met de foto’s die ik maak wil ik laten zien dat ook het kleine in de natuur het waard is om bewonderd te worden.  De observatie voor het maken van een foto is er een die voortdurend in het teken staat van die bewondering. Iets hoeft niet groot of grootst te zijn om mooi of indrukwekkend te zijn. Zelfs wanneer de waarnemingen talrijk zijn, kunnen ze nog steeds bijzonder zijn. Dat geldt overigens niet alleen voor bloemen, vlinders en bijen. Wat dacht je van andere insecten?

Van jongs af aan heb ik iets met het fotograferen van ‘het kleine’ in de natuur. Hoe vaak heb ik niet geschreven over de Olympus OM-1 camera van mijn vader? Hij maakte ook veel foto’s van bloemen. Insecten sloeg hij over. Waarschijnlijk omdat dit iets meer geduld vereist.

Is het moeilijk?

Je kunt de vraag stellen of het moeilijk is. Dat ligt eraan. Wanneer je een foto maakt van een bloem, en de omstandigheden zijn goed, dan zal dit sneller lukken dan wanneer je een insect wilt ‘vangen.’  Na jarenlang insecten gefotografeerd te hebben weet ik dat het soms aankomt op dat ene moment. Het komt vaker voor dat het net niet lukt, dan dat het wel lukt. Daar moet je tegen kunnen. Ben je uit op een snel resultaat, dan moet je deze tak van fotografie overslaan.

Een close-up van een blad
Een close-up van een blad.

Apparatuur

Natuurlijk kun je heel mooie foto’s nemen met een smartphone. Chapeau voor iedereen die close-ups weet te maken met een smartphone. Soms lukt ook mij dat wel eens. Liever gebruik ik mijn camera. Waarmee ik meer controle heb over diepte, lichtsterkte en kleurinstellingen. Met die camera beweeg ik soms mee met de insecten.

Wanneer je besluit om foto’s van het meest kleine in de natuur te maken, dan noem je dat macrofotografie. Het gaat hier om het op zeer korte afstand fotograferen van dat wat wilt vastleggen. Dan hoeft het echt niet altijd te gaan om bloemen, planten of insecten. Denk maar eens aan de vleugels van een vogel. Het is de bedoeling om alles zo groot mogelijk uit te beelden.

Wat heb je nodig?

Ervan uitgaande dat je geen gebruik wilt maken van een smartphone, schaf je een camera aan met verwisselbare objectieven (ook wel lenzen genoemd, terwijl dit eigenlijk niet helemaal juist is). Tegenwoordig heb je camera’s die minder groot zijn dan de bekende spiegelreflexcamera’s en als het om de instellingen gaat minder ingewikkeld zijn. Dit zijn systeemcamera’s. De systeemcamera’s hebben als voordeel dat ze geen gebruik maken van een spiegel en daarom dus iets sneller zijn. Het nadeel kan zijn dat een systeemcamera kleiner is en daarmee dus minder grip of stabiliteit biedt. Daar staat wel weer tegenover dat deze camera’s uitgebreid kunnen worden met een battery grip. Hiermee plaats je een of meer extra batterijen en heb je een makkelijkere manier om de camera vast te houden. Bovendien heeft deze battery grip ook bedieningsmogelijkheden wanneer je de camera anders dan horizontaal wilt vasthouden.

Zelf maak ik geen gebruik van een systeemcamera. Dat heeft ermee te maken dat mijn camera (Sony) twee jaar oud is. Ik koos destijds ervoor om de body te vervangen. Wilde ik een systeemcamera kopen, dan zou ik ook alle objectieven moeten vervangen.

Wanneer je dus een camera aanschaft, dan moet je erop letten dat er dus andere objectieven opgezet kunnen worden. Dat hoeven niet altijd speciale macro objectieven te zijn. Een standaard objectief kan zelfs ook volstaan. Je kunt deze uitbreiden met een voorzetlens, waarmee je een vergroting ziet van het te fotograferen object. Het nadeel is dat de foto misschien wat onscherp wordt door deze voorzetlens of vergrotingslens.

Dan zijn er nog de zogeheten tussenringen, tubes of balgen. Deze bevestig je tussen de body van de camera en het objectief zelf. De beeldafstand wordt hiermee vergroot. Wel moet je even op te letten of de tussenring voorzien is van mogelijkheden voor auto focus. Zijn die er niet, dan zal je het beeld zelf scherp moeten stellen. Dat vergt wat oefenwerk.

Je kunt het ook anders aanpakken. Wanneer je een omkeerring aanschaft, dan plaats je het objectief omgekeerd op de camera. Aandachtspunt hierbij is zonder meer dat lens niet meer beschermd wordt door een voorzetlens waarmee je normaal gesproken je glas beschermd van je objectief. Ook zal bepaalde informatie over de gebruikte lens niet opgeslagen worden bij de foto (Exif informatie). Autofocus kan ik natuurlijk ook noemen, maar zoals je verderop kunt lezen is dat iets wat je maar het beste uit kunt zetten.

Mythes

Er bestaan nogal wat mythes over het maken van dit soort foto’s. Daar besteed ik ook graag even aandacht aan. Deze hebben ook te maken met het soort apparatuur dat je gaat aanschaffen.

Klein geaderd witje
Klein geaderd witje

Alleen maar close-ups

Natuurlijk, ze zijn schitterend. Die extreme close-ups van bloemen, planten, insecten en dieren. Daar gaat het niet alleen maar om. Een foto kan doorgaan als goede macrofoto, wanneer er niet te veel is ingezoomd. Voorwaarde voor het categoriseren van een macrofoto is dat wat is gefotografeerd is vanaf korte afstand is vastgelegd. Een kortere afstand dan dat je normaal gesproken zou zien.

Veraf om niet te verstoren

Het klinkt logisch, wanneer je foto’s wilt maken van insecten, om dan te kiezen voor een objectief die je in staat stelt om van een zo groot mogelijke afstand foto’s te maken. De insecten zijn grillig en worden misschien snel gestoord in hun bezigheden. Natuurlijk, dat is zo. De kans dat een bij of vlinder netjes voor je gaat poseren is bijna nul. Dat doen ze niet en zeker niet om commando.

De werkruimte die je gaat gebruiken is vele malen kleiner dan dat je gewend bent. Vergelijk het niet met het maken van foto’s van grote(re) dieren. Zet de gedachte dus overboord om te kiezen voor een lens met een zo ver mogelijk bereik.

Soms is het noodzakelijk om het te fotograferen insect tot op enkele centimeters te benaderen. Dat vergt tijd, dat vergt geduld. Maar zelfs wanneer je het ‘doel’ op enkele centimeters genaderd bent, dan bestaat de kans dat het resultaat niet iets is waarover je tevreden bent.

Je kunt gebruik maken van een telelens met of zonder macrofunctie. Je merkt dan alleen dat het allemaal niet zo dichtbij zal zijn. Noem dit een close-up, geen macrofoto.

Vergeet kwantiteit

Hoewel je uren en uren foto’s kunt maken van bloemen en (vooral) insecten, kan het eindresultaat soms teleurstellend zijn. Van de vijftig foto’s die je maakt, kunnen er slechts enkelen interessant genoeg zijn. Vergeet dus kwantiteit. Vergeet dus de hoeveelheid foto’s die je per keer dat je gaat fotograferen ‘moet’ maken.

Er bestaat een kans dat er geen enkele foto lukt. Zeker wanneer je er net aan begint is die kans aanzienlijk. Is het dan een reden om aan te nemen dat het geen geslaagde poging was? Eigenlijk niet. Zeker niet wanneer je net begint. Dat heeft vooral te maken met de manier waarop je te werk gaat.

Je kunt niet overal zijn

Laat het idee los dat je – wanneer je insecten wilt fotograferen – alles kunt vastleggen. Je kunt niet overal zijn. Wanneer je bloemen en planten fotografeert manoeuvreer je van bloem of plant naar de andere bloem of plant. De hoeveelheid foto’s die je maakt zullen dan wel groter zijn. Kies je ervoor om insecten te fotograferen, laat dan het idee los dat je meters moet maken. Soms kom je niet verder dan centimeters en dat is helemaal niet erg.

Een statief

Wanneer je een foto wilt maken waarbij je niet gehinderd wordt door bewegingen die je zelf maakt (vergeet niet dat zelfs ademen ook een beweging is), dan kies je ervoor om een statief te gebruiken. Prima toch? Wanneer je bloemen en planten wilt vastleggen dan is dit prima. Al moet je telkens het statief weer op de juiste manier instellen. Bij het maken van foto’s van insecten kun je het beste het statief helemaal schrappen. Zelfs een eenpootstatief zal niet volstaan. Het vergt enige oefening om zo te fotograferen dat de beelden niet gehinderd worden door de bewegingen die je maakt.

Een ringflits

Een ringflits is een flitsapparaat dat je om het objectief heen schuift of schroeft. Een snelle zoektocht op internet stelt je in staat om tegen redelijke prijzen zo’n ringflits aan te schaffen. Voordat je dit gaat doen, dan lees je even verder.

Een ringflits geeft vaak een wat industrieel licht. Een groot aantal ringflitsers maakt gebruik van Ledverlichting. Dat is iets wat je graag wilt vermijden. In plaats daarvan kun je gewoon gebruik maken van een flitsapparaat dat je aansluit op de zogeheten hot shoe van je camera. Dat is het gedeelte boven de lenszoeker. Om te voorkomen dat de flits die het apparaat wordt afgegeven te scherp is (en daarmee de foto’s dus overbelicht maakt), kies je ervoor om een opvouwbare diffuser (portable diffuser) te gebruiken.

Vergeet de handige opties van je camera

Ervan uitgaande dat je gebruik maakt van een DSLR of Full frame camera, raad ik je aan om zo snel als mogelijk twee zaken te wijzigen. De eerste wijziging, misschien deed je dit al, is de instellingen zo aan te passen dat je voortaan foto’s maakt in RAW-formaat in plaats van JPEG (ook wel JPG genoemd). Een ingewikkeld verhaal, maar het komt erop neer dat je nu meer controle hebt over de aanpassingen die je kunt doen van de foto’s. Nu je de instellingen toch aan het aanpassen bent: je stelt de camera in op stand M (Manual) en kiest ervoor om de autofocus uit te zetten. Vooral het laatste is erg belangrijk. Je fotografeert dan weer op de ouderwetse manier. Niet alleen door zelf het objectief scherp te stellen, maar ook door een beetje heen en weer te bewegen.

Vergeet dus de handige opties van je camera. Je doet nu meer zelf.

Duur objectief, goed resultaat

Kort maar krachtig: nee, het hoeft niet altijd een duur objectief te zijn, waarmee je erg goede macrofoto’s kunt maken. Een duur objectief houdt niet altijd in dat het resultaat meteen goed is. Toegegeven, bepaalde lenzen zijn uitermate geschikt voor het maken van de close-ups die je wilt. Dat is alleen niet gebonden aan prijs.

Bedenk goed dat wat je gaat kopen niet altijd nieuw hoeft te zijn. Je kunt ook prima werk leveren met gebruikte apparatuur. Wanneer je camera dit aankan, dan zou je er zelfs voor kunnen kiezen om oude objectieven (jaren zeventig, tachtig, negentig) te kopen. Objectieven die gemaakt zijn voor het digitale tijdperk.

Dankzij allerlei slimme adapters kun je zelfs objectieven van een merk monteren op die van een ander merk.

Wat kost het?

Dat is een lastige vraag. Het is afhankelijk van de soort camera je koopt en welke oplossing voor macrofotografie je wilt gaan gebruiken. Los van de body van de camera en het objectief zijn de voorzetlenzen de goedkoopste manier om het resultaat te krijgen waar je naar op zoek bent. De tussenringen volgen hierna. Ze verschillen niet veel in prijs van die van een omkeerring.

Als het om macro objectieven gaat moet je even goed nadenken. Vergeet niet dat je mogelijk niet het hele jaar foto’s kan maken van het kleine in de natuur. Wil je een dergelijk objectief aanschaffen, kijk dan eerst eens rond op Marktplaats. Ook zijn er verschillende webshops voor fotografieproducten die gereviseerde modellen aanbieden. Controleer wel even vooraf wat voor type lensvatting of objectiefbajonet (mount) je nodig hebt.

Wat het gaat kosten bepaal je dus zelf. Je kunt voor een paar tientjes klaar zijn. Het kan ook zijn – in het geval van een objectief voor macrofotografie – dat je dieper in de buidel zal moeten tasten. Nogmaals, je hoeft geen duur objectief aan te schaffen om het gewenste resultaat te krijgen.

Dan laat ik in dit geval even de kosten voor de software die je nodig hebt om de foto’s te bewerken buiten beschouwing. Dat geldt ook voor de hardware (computer, laptop) die je ervoor nodig hebt.

Wanneer doe je het?

Wanneer je de experts mag geloven, dan moet je er in alle vroegte op uit. Kort na zonsopgang. Wanneer de insecten nog niet helemaal wakker zijn, zou je zeggen. Zolang het niet teveel waait, dan maakt het tijdstip niet heel veel uit. Soms maak je inderdaad mooie foto’s kort na zonsopgang. Misschien komt dat door de rust in het gebied waar je fotografeert. Kies je een goede locatie uit, dan kun je ook prima op een later tijdstip fotograferen. Mits het niet regent natuurlijk.

Je kunt dit in alle tijden van het jaar doen. Want de natuur staat in de wintermaanden nooit helemaal stil. Nee, je zal niet gemakkelijk insecten fotograferen. Dan kies je voor andere onderwerpen. Close-ups van dorre bladeren bijvoorbeeld. Of wat dacht je van spinnen?

Wat is het belangrijkst?

Misschien denk je na het lezen van dit alles Wat is het belangrijkst? Simpel, dat heb ik nog niet echt benoemd. Dat is het op een andere manier fotograferen. Je bent meer bezig met wat je ziet en het waard is om vast te leggen. Het geeft een bepaalde rust. Voor mij in ieder geval wel.

Een belangrijk ander punt: geniet van wat je doet.

Succes! Ik ben benieuwd of je wat aan deze tips hebt gehad en wat het resultaat is.

Meer inspiratie nodig?

Zoals je kunt zien op deze pagina, bevatten de foto’s een watermerk (logo). Ben je op zoek naar meer inspiratie, kijk dan eens hier. Daar zijn meer foto’s van mij terug te vinden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.